Getal van de maand: 5 jaar

Afgelopen zomer viel het kabinet over de kwestie van gezinshereniging: mogen de gezinsleden van een vluchteling die een verblijfsstatus heeft gekregen, wel of niet naar Nederland komen? Het ging hierbij specifiek om ‘nareizigers’ uit oorlogsgebieden[1] – partners, kinderen of ouders (indien de asielaanvrager jonger is dan 18 jaar) van iemand die een verblijfsvergunning heeft gekregen. Met name de VVD wilde via deze weg graag paal en perk stellen aan het aantal migranten dat jaarlijks Nederland binnenkomt. Door een wachttijd in te voeren voor nareizigers uit oorlogsgebieden hoopt de partij de druk op het asielsysteem te kunnen verlichten. Maar voor de ChristenUnie was en is een dergelijke oplossing een absolute no-go. In de woorden van partijleider Mirjam Bikker: “Dat is voor de ChristenUnie een weg die we niet zullen begaan”.

De val van het kabinet daargelaten, duidt deze discussie rondom gezinshereniging vooral op de verdere juridificatie van ons asielsysteem. In principe krijgen alle personen met een asielstatus in Nederland een tijdelijke verblijfsstatus voor 5 jaar. Is het daarna nog niet mogelijk om veilig terug te keren naar het land van herkomst, dan volgt vaak een omzetting naar een definitieve verblijfsvergunning. In de tussentijd hebben vluchtelingen het recht om hun gezinsleden naar Nederland te halen, maar de VVD wil daar dus vanaf. Althans, van het herenigingsrecht voor een deel van de vluchtelingen.

Bovenstaande discussie betreft immers alleen oorlogsvluchtelingen. Voor politieke vluchtelingen is gezinshereniging nog steeds mogelijk, ook als de VVD het volledig voor het zeggen zou hebben. De partij maakt onderscheid tussen vluchtelingen en subsidiair beschermden, een onderscheid dat ook in de EU wordt gemaakt. In het eerste geval gaat het om personen die op grond van hun eigen achtergrond, overtuiging of geaardheid moeten vrezen voor vervolging. Bij subsidiair beschermden gaat het om personen die vluchten uit oorlogsgebied maar niet zelf direct doelwit zijn. Zij zouden, indien de vrede terugkeert, weer terug kunnen gaan.

Hoe slim ingericht dit systeem ook lijkt, de vraag is of het in de praktijk echt zo werkt. Die vijf jaar zijn immers zo voorbij. De oorlog in Syrië duurt inmiddels al ruim 13 jaar, de oorlog in Jemen ook. En de oorlog in Oekraïne is ook al ruim 2 jaar bezig, zonder enig zicht op een snelle beëindiging. Een groot deel van de oorlogsvluchtelingen kan simpelweg niet terug, vaak omdat de oorlog veel langer dan 5 jaar duurt. En dan blijven zaken als wederopbouw en een veilige terugkeer nog buiten ogenschouw.

Het staat buiten kijf dat de druk op het asielsysteem om een oplossing vraagt. Het is alleen de vraag of een verdere onderverdeling van vluchtelingen en hun bijbehorende rechten de logische vervolgstap is. Voor een solide oplossing zou je als politiek niet afhankelijk moeten willen zijn van de termijn van een aantal jaren, maar harde keuzes moeten durven maken over wie je wel en niet op kan nemen met inachtneming van de daarvoor geldende verdragen.


[1] Vanuit de Europese Unie is het verplicht gezinshereniging toe te staan voor politieke vluchtelingen, niet voor oorlogsvluchtelingen.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *